Door een printscreen uit het register van de Securities Exchange Commission (SEC), de Amerikaanse ‘beurswaakhond’ en een vraag hierover aan mij heb ik me verdiept in de achtergrond van het feit dat Nederland in de V.S. te boek staat als een onderneming. Het is vanzelfsprekend nogal merkwaardig dat een land als commercieel bedrijf wordt aangemerkt. Toch is het verklaarbaar als we terug gaan naar de ontwikkeling van het huidige geldstelsel in de 18e eeuw.

Ik ga terug naar de periode waarin het huidige geldsysteem werd gevormd tot wat het op de dag van vandaag is. De van Duitse origine (Hannover) zijnde George III was koning van Engeland in de tweede helft van de 18e eeuw. De periode van de Amerikaanse vrijheidsoorlog. George III en de kring om hem heen van dukes, counts, barons et cetera, wilde verhinderen dat de koloniën in Noord Amerika die als hun persoonlijk bezit werd beschouwd, aan de greep ontglipte.

In die tijd was er ook de opkomst van de Rothschilds. Mayer Amschel Rothschild, gevestigd in Frankfurt, werkte samen met de Graaf van Hessen, die Koning George III een aanzienlijk deel van de troepen leverde om de Amerikaanse opstandelingen te bestrijden: de Hessische troepen. Om de huur van de Hessische troepen te financieren, leende George geld bij de Rothschilds. Voor de betaling van rente en aflossing van de lening werd het Engelse volk ‘als dekking’ gegeven. Uit belastingheffing werden de rente en aflossing betaald. Eerder had de Engelse adel al via de Bank of England in 1694 een monopoliepositie verworven in het bankieren. De Graaf van Hessen stalde zijn geld overigens weer bij Rothschild, die daardoor weer dekking had voor verdere leningen.

Voor de Rothschilds was er uitsluitend ‘de koning’ waarmee zaken werd gedaan. De koning werd gezien als ondernemer, die samen met zijn adellijke broeders de koloniën ‘leegplukte’. Zo ook die in Noord Amerika. Benjamin Franklin had daar geprobeerd om meer onafhankelijkheid van Engeland te verkrijgen door vanuit het bestuur een eigen munt uit te geven. Deze actie was succesvol en droeg bij aan meer welvaart in de koloniën. Engeland accepteerde deze inkomstenderving niet en maakte een eind aan de eigen munt, om vervolgens de belastingknoet er weer over te leggen. Dit werd de directe aanleiding tot de Amerikaanse vrijheidsoorlog.

Omdat de Engelse koning vanwege de vele oorlogen die werden gevoerd continu geld nodig had, werden de leningen niet afgelost, maar telkens vervangen door weer nieuwe leningen, waardoor feitelijk alleen de rente werd betaald en in slechte economische jaren zelfs dat niet. De schuld van ‘His Majesty’s Treasury’ nam daardoor voortdurend toe tot een punt waarop een van de zonen, Nathan Rothschild, die zich in Engeland had gevestigd, niet alleen de Bank of England controleerde, maar ook een stevige greep had op de kroon. “het maakt mij niet uit welke marionet op de troon zit, ik ben de ongekroonde koning van Engeland’.

Dit principe, waarbij landen worden beschouwd als ondernemingen, die het volk in onderpand geven, is tot de dag van vandaag geldig. Ook in Nederland hebben de kring rond het Huis van Oranje en de vorst zelf een uitzonderingspositie ingenomen en veel profijt daaraan ontleend. Ook zij laten het het volk opdraaien voor de rente en aflossing van de leningen die vooral voor de bescherming van hun economische belangen worden opgenomen. De Nederlandsche Bank werd door koopman-koning Willem I opgericht als prive bezit van het Huis van Oranje en werd later evenals dat met de Bank of England was gebeurd, opgewaardeerd tot centrale bank. Nu is De Nederlandsche Bank op papier in publieke handen en sinds 1998 een –zelfstandig- onderdeel van de Europese Centrale Bank, maar nog steeds oefenen de voormalige eigenaren via de Raad van Commissarissen invloed uit op het beleid van De Nederlandsche Bank. Elke wet herinnert ons Nederlanders aan de werkelijke verhoudingen: “Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.” Het gaat daarbij vooral om de kring rond het instituut ‘koning’, wat in de voorbije eeuwen vooral de adel was, werden de geldbaronnen. Zij gebruiken het instituut om de bestaande verhoudingen intact te houden.

Daarom staat Nederland in de V.S. te boek als een onderneming. Dit is tevens de reden waarom ik keer op keer herhaal dat zolang wij geen afscheid nemen van het huidige geldstelsel, wij niet vrij zullen zijn en niet tot zelfbeschikking gaan komen. Dit geldstelsel is ontworpen om de enkelen te dienen en functioneert tot de dag van vandaag conform zijn opzet.

Het heeft ook tot gevolg dat er een enorme kapitaalconcentratie bij een verhoudingsgewijs kleine groep heeft plaatsgevonden. Ook omdat dit geldstelsel ruim baan geeft aan het geld met geld verdienen. Macht door geld heeft hen in staat gesteld om hun ideeën en plannen uit te voeren. Deze ideeën en plannen worden heel goed onder woorden gebracht door Pieter Stuurman in het interview dat ik met hem had en dat werd opgenomen in ‘Geld in de Bijrol‘. Tot voor kort werd de sturing door een macht achter de schermen afgewezen als conspiracy. Het is echter nogal naief om na wat er de afgelopen maanden zich gelijktijdig afspeelde in vrijwel de hele wereld, niet een goed gecoordineerde aanpak te zien, waaraan veel overleg en voorbereiding vooraf is gegaan. Bill Gates en George Soros zijn de frontmen van de ‘club’. Ze laten zich niet zien, want ze hebben zich met hun belangen verstopt achter beleggingsconsortia zoals Blackrock, Vanguard et cetera. Bijvoorbeeld Astra Zeneca het farmaceutisch bedrijf dat miljarden infameuze vaccins ‘tegen Covid-19’ gaat leveren heeft als grootste aandeelhouder Wellington Fund, een exclusief onderdeel van Vanguard.  Astra Zeneca heeft een verbinding met de Bill & Melinda Gates Foundation zoals blijkt uit dit artikel in Marketwatch.

Pogingen om dit geldstelsel van binnenuit te hervormen zullen mijns inziens daarom stranden. De macht verbonden aan geld geeft privileges waar de ‘club’ geen afstand wil doen. Zolang het systeem in stand blijft zal er altijd weer een manier worden gevonden om die macht te consolideren. Daarom heb ik alleen echt vertrouwen in een economie waarin geld – rente en speculatievrij- op de laatste plaats komt, als hulpmiddel om het economische proces soepel te laten verlopen en niet meer dan dat. Dat kan als we een eigen munt laten circuleren in een economisch netwerk waarin de koopkracht van alle deelnemers aan dit netwerk, producenten en consumenten, wordt beschermd. Ik schrijf hierover in mijn nieuwsbrief van juni 2020. Inschrijven kan hiernaast in de rechterkolom.

(c) Ad Broere

 

Bron: Ad Broere’s Blog